vrijdag 30 september 2011

Toronto vanuit de lucht

De afgelopen dag is als een sneltrein aan mij voorbij gegaan. Om acht uur waren we aan het ontbijten toen het plots begon te regenen. En goed ook, de ramen en alles buiten was kletsnat. Leo vertelde ons dat het in de middag zou opklaren en dat hoopten we allemaal ook.

Om half negen zaten we in de bus die ons, om te beginnen, door verschillende wijken van de stad reed. Little Italy, Chinatown en de Caribische buurt zijn slechts enkele voorbeelden. Toronto gaat er prat op dat ze, als je het noodnummer belt, je in 140 talen kunnen helpen, evenveel als er bevolkingsgroepen zijn. (ze vertellen er natuurlijk niet bij hoe lang het duurt voordat je iemand hebt die jou kan helpen)

Na alle buurten gingen we naar het Rogers stadium, waar de Toronto Maple Leafs hun honkbalwedstrijden spelen. Daarnaast was de CN Tower, de Canadese Nationale toren, vernoemt naar de CN, de Canadese spoorwegen, waarop de toren staat. Een mooie toren, die ook aardig hoog is.

Vervolgens reden we naar de universiteit van Toronto, en naar het parlementsgebouw. Ook in Québec en Ottawa zijn parlementsgebouwen, maar dat is simpel uit te leggen. Ottawa is de hoofdstad van Canada en heeft dus alle nationale gebouwen. Québec en Toronto zijn de hoofdsteden van de provincies (resp. Québec en Ontario) en die hebben een eigen parlement. Net iets anders dan in Nederland, maar wel te snappen, toch?

Daarna maakten we een wandeling langs de haven. Hij is weliswaar grotendeels buiten werking, maar blijft erg leuk om te zien. Toen ik terug naar de bus liep, kwam ik langs een stoplicht dat werkelijk nergens op sloeg: er was geen zijstraat te bekennen. Toch wachtte ik netjes, maakte een foto en toen ik eindelijk mocht lopen en achteruit keek, stond daar ineens een agent heel verdekt opgesteld... Gelukkig dat ik niet was doorgelopen!

Daarna vertrokken we naar de binnenstad. Veel ondergrondse winkels weer, wel drie verdiepingen onder de grond, maar als je nadenkt over de strenge winters is dat best logisch. Je wilt dan zo min mogelijk buiten zijn!

Die middag waren we vrij. Ik besloot met twee anderen naar de CN toren te gaan. Terwijl we liepen pakte ik het kaartje er eens bij, en merkten we dat we de verkeerde kant op liepen! In plaats van terug te lopen pakten we maar een taxi die ons voor vijftien dollar naar de toren bracht.
Daar gingen we naar binnen, kochten kaartjes (à 29.95 Canadese dollars per stuk, excl. belasting) en gingen de lift in. Vanuit de lift kon je al heel goed naar buiten kijken, en mijn oren tuitten gewoon van de snelheid. Op 350 meter hoogte stonden we toen en maakten een paar foto's. Ook dronken we een drankje boven in de toren, genietend van de hoogte. Eén verdieping lager was een stuk vloer van glas gemaakt. Natuurlijk moesten er foto's van de schoenen gemaakt worden, met op de achtergrond de grond natuurlijk. Ook al moest je even over de grens 'houdt 'ie het wel?', toch was het een gave ervaring, staande op zo'n hoogte met niets dan wat glas onder je voeten.

Vervolgens gingen we terug naar het stadhuis waar de bus stond, reden we nog door de file langs een huis van een excentriekeling, de zgn. Casa Lomo, en daarna kwamen we rond zeven uur aan bij het hotel. Even wat eten, douchen en nu ben ik hier.

Morgen vertrekken we uit Canada. We gaan via de Niagara Falls, en als het goed is spreek ik jullie morgen weer vanuit Buffalo, Amerika. Hoop met me mee dat het mooier weer wordt dan voorspeld, want dan ga ik misschien met een helikoptervluchtje mee!

Tot morgen!

donderdag 29 september 2011

De 1000 eilanden

Tien uur 's avonds begin ik meestal met het schrijven van een nieuw bericht. Evenzo ook vandaag. Op het moment van schrijven zit ik in een hotel in de buurt van Toronto, in Mississauga. Dat is een wijk van - of beter gezegd een stadje naast - Toronto, met driekwart miljoen mensen. Niets toch?

Ik ben moe, ben ook vandaag nog verkouden geweest en heb nu ook nog een enorme droge keel, wat ik er ook aan doe. Toch heb ik vannacht goed geslapen, tot een uurtje of zes toen de buren opstonden. In de kamer naast mij zaten Japanners die nasaal bijeen clusterden in de kamer naast de mijne. Geklepper, het geluid van open- en dichtgaande deuren en een haardroger maakten mij goed wakker.

Na het ontbijt gingen we voor een laatste keer een stuk door Ottawa rijden. We kwamen langs enkele ambassades, langs de wijk waar de Nederlandse familie verbleef tijdens WO2 en ook zagen we een complete colonne van politieauto's die straat na straat blokkeerden. Gelukkig konden wij doorrijden en zagen we ook de achterkant van de stoet: iemand in een zwarte auto, omringd door nog vier zwarte auto's en enkele politiemotoren en -auto's. Wie weet ik niet, maar diegene was vast belangrijk!

Daarna reden we goed door. We reden langs het Ontario-meer en maakten daar ook een bijzondere stop: een uur durende cruise langs de 1000 eilanden. Veel mensen hebben daar een zomerhuisje of zomerkasteel staan. Een leuke plaatsje trouwens, dat Rockford. Ongeveer driehonderd inwoners, maar de meeste dagen kregen ze meer dan vijftig tourbussen op bezoek.
Na de cruise gingen we in hetzelfde dorpje eten. We konden een lopend buffet doen, maar daar waren ook veel Jappen en de rij was aanzienlijk. Met vier man besloten we in het cafeetje ernaast te gaan zitten, waar we heerlijk gegeten hadden.
Toen we in de bus vroegen hoe het eten was, hoorden we alleen maar klachten: niet heel warm, superdruk en de Japanners drongen de hele tijd voor. Een goede keus maakten wij dus, ook al was het eten drie dollar duurden. We gaven we een royale fooi, dus hetwas veel beter!

Eenmaal weer in de bus reden we door naar Toronto. We kwamen langs de boerderijen waar de Macintosh familie appels begon te groeien en zijn nog even in de fabriek voor hun taarten geweest. Er was een optie om een stuk taart te kopen, maar het eten zat bij mij nog hoog zat, dus ik paste voor de gelegenheid. En ja, ik had wel wat mee kunnen nemen, maar dat zal dan waarschijnlijk niet helemaal goed zijn aangekomen. Helaas dus!

Toen we rond vijven in de buurt van Toronto kwamen, werd het verschrikkelijk druk. Lange files voor iedereen die in of uit de stad wilde komen. Ook wij stonden dus lange tijd in de file. Dat gaf mij de gelegenheid om eens een tijdje met de chauffeur te praten. Hij heeft dit jaar alleen al meer dan honderddertig duizend mijlen gereden, 200.000+ km. Dat is veel!!!

Eenmaal in het hotel zijn we met drie man naar een Ierse pub geweest waar we wat dronken en een betej aten. Er trad een livebandje op die klassiekers speelde van de Beatles tot Lynrd Skynrd, Sweet home Alabama tot Country roads. Erg leuk!

Morgen wordt er een toer van en door Toronto gemaakt, waarna we de middag vrij hebben. Op naar de CN Tower dus, een toren van ietsje meer dan vijfhonderd meter. Op naar de hoogten!

Tot de volgende keer!

woensdag 28 september 2011

Montréal en Ottawa

Vandaag was een beetje een mindere dag. Vannacht kon ik de knop van de airco niet vinden, dus heb ik vandaag de hele tijd lopen hoesten en snuiten. Goed verkouden begon de dag dus.

In de lobby van het hotel zat een klein koffiebarretje die ook thee en croissants verkocht. Snel heb ik daar een bakje gekocht en een lekker Frans bolletje. Daarna snel de bus in om direct een tour van de stad te krijgen. Daarvoor was een andere gids dan Leo, die lekker veel vertelde over de stad, de ligging, de mensen en noem zo maar op. Mont Réal, de berg waar de stad op en omheen ligt, is erg mooi. Zeker ook met de herfstkleuren op de achtergrond.

We gingen o.a. de Basilica in, een prachtige kerk met een geweldig mooi orgel met meer dan zevenduizend pijpen. Dat zei ze althans, maar ik weet niet of ik ze wel allemaal gezien heb. Veel waren er in ieder geval wel!
Ook gingen we de berg op. Daar liggen aan weerskanten van de berg begraafplaatsen, waar in de tussentijd al meer dan een miljoen mensen begraven liggen. Een flinke hoeveelheid. Op de berg worden 's winters slee- en glijbanen gemaakt. Sneeuw ligt er meestal genoeg en dan kan je een meter of tweehonderd naar beneden glijden. Lijkt me erg leuk.

Daarna gingen we naar de ondergrondse stad. Meer dan tweeëndertig kilometer aan wandelgangen loopt er onder de stad, waar enorm veel winkels zijn. Natuurlijk loopt er ook een metro, maar de ondergrondse stad zelf is buitengewoon groot. Daar hebben we geluncht aleer we onze weg vervolgden naar de hoofdstad van Canada.

Onderweg is er niet veel bijzonders gebeurd. Ik heb muziek opgezet en mijn boek uitgelezen. Op het moment dat ik dit type, om tien uur, staat mijn mp3-speler aan de oplader en heb ik het derde en laatste boek wat ik heb meegenomen in mijn tas gestopt. Morgen zal ik daarin beginnen, denk ik.

Toen we in Ottawa, de hoofdstad aankwamen, kregen we direct een rondrit door de stad. We begonnen bij het huis van de ceremoniële generaal waarvan me de naam en de werkelijke functie ontschiet. Daar liepen we door de tuinen en zagen we verschillende bomen. Veel van die bomen zijn geplant door bekende staatsfiguren, zoals Bill Clinton, JFK en Nixon, maar ook onze koningin heeft een boom geplant, evenals Prinses Margriet. En dat was niet eens een margrietje!

Daarna gingen we naar het watervalletje waar vroeger een zaagmolen stond. Ook stopten we voor wat te drinken op de markt in Ottawa. Daar kon je onder andere de bekende 'Maplesirup' kopen, iets wat ik niet gedaan heb. Ik geloof het wel. Ik hoef geen veertig maal ingedikt sap van een boom te hebben.
Daarna gingen we naar het parlementsgebouw. Dat is een prachtig gebouw waar ik dan ook vele foto's van heb gemaakt.

Morgen vertrekken we om kwart over acht naar Toronto. Daar zullen we twee nachten blijven. Wat we morgen doen hoor je hopelijk direct ook morgen! Ik houd de spanning er in. Hopelijk tot morgen!

dinsdag 27 september 2011

Van Québec naar Montréal

Hallo allemaal!
Dagen vliegen voorbij, nachten schieten om. Ik kan het haast niet geloven, maar vorige week begin mijn reis pas. Tegelijkertijd weet ik dat ik volgende week weer thuis ben. De tijd vliegt echt snel.

Op het moment zit ik in Montréal. Vanaf mijn hotelkamer heb ik 'ingebroken' op een netwerk van een nabij gelegen kantorencomplex, waardoor ik niet helemaal naar de lobby terug hoef. Dat scheelt wel weer een stukje.
Maar wederom, als elke dag, begin ik bij het begin.

Vanochtend kregen we een rondrit door Québec. We zagen het parlementsgebouw, het slagveld waar de oorlog tussen de Fransen en de Engelsen werd beslecht en ook de oude binnenstad in heel zijn glorie. En dat is me toch wast!
De binnenstad van Québec kan ik met geen andere stad waar ik geweest ben vergelijken. Het is zo gezellig, zo sfeervol... Allemaal kleine straatjes waar oude gebouwen zitten. Ook heeft de winkeliersvereniging daar een strikt verbod op winkels van grote zaken staan, dus een Mac of een Starbucks zul je daar niet tegen komen. Wel heel veel kledingwinkeltjes, een mooie kerk, standbeelden en een vijftal toeristeninformatie centrums, die ook souveniers verkopen.
Québec bestaat uit een boven- en een benedenstad. Je kan van de ene naar de andere kant lopen, via enkele trappen (een daarvan heet de nekbreektrap, je kan vast wel raden waarom) of je pakt een liftje. De laatste kost wel wat geld, dus ben ik lekker wezen lopen.
Nadat we in diezelfde stad zijn wezen lunchen, trokken we de bus in om op weg te gaan naar Montréal. Een dikke drie uur rijden, dus we waren er rind half zes. De stad hier is wel een stuk anders: veel bedelaars en een minder mooi centrum. Maar dat is enkel op basis van wat ik vanavond gezien heb. Nee, geef mij de stad van vanochtend maar!
Voor beide steden geldt echter dat het er maar drie maanden in het jaar mooi weer is. Voor de rest is het winter, min twintig tot dertig graden en gemiddeld ongeveer vier meter sneeuw. Dat is nogal een eindje. Toch hoorden we vandaag van iemand - daarover straks meer - dat het weer wat we nu hebben uitzonderlijk is. Het was net, toen we op een terras buiten zaten te eten, nog ongeveer twintig graden. Heerlijk weer dus!

Net heb ik met zeven anderen heerlijk gegeten bij een Grieks restaurant. De prijzen zijn hier een stuk duurder, merkten we gisteren, dus hebben we nu wel iets gekozen wat enigszins goedkoper was. Vandaar de Griek. De eigenaar zette voor ons direct enkele tafels bij elkaar zodat we buiten konden eten voor zijn etablissement. Ook gaf hij ons gratis een bord met allerlei Griekse hapjes. Of je nu zalm, lam, kip of rundvlees nam, het was heerlijk.
De eigenaar bleef maar steeds met ons praten, bekeek voor ons zelfs het weer nog even voor morgen en achteraf waren we het er met z'n allen over eens dat het wel erg gezellig was. Misschien doen we het morgen wel weer, lekker gezellig met acht man eten.

Morgenvroeg krijgen we een tour van de stad. Lekker even sightseeing in Montréal. Daarna lunchen we ook weer hier en gaan we de bus in, op weg naar Ottawa. We zullen het zien!

Tot de volgende keer!

maandag 26 september 2011

Bienvenue au Canada

Vanochtend vroeg zat ik te ontbijten in een voorstadje van Boston. Nu, aan het einde van de dag, zit ik in het mooie Quèbec te genieten van een kopje thee op mijn hotelkamer. Het is half elf, we hebben net gegeten in de mooie binnenstad van Quèbec en daarvoor hebben we bij iets anders gekeken. Maar laat ik bij het begin beginnen.

Vanochtend vertrokken we uit de staat Massachuetts om via New Hampshire en Vermont naar de Canadese grens te vertrekken. We reden over een prachtig landschap, vol herfstkleuren, en bergen en heuvels aan beide kanten van de weg. Bomen die al compleet rood verkleurd waren stonden naast nog frisse en groene bomen, terwijl er ook bruine, gele en oranje bladeren aan de bomen zaten. Dat is wel erg bijzonder om te zien. Ruim twee uur reden we door de bomen, over heuvels en door dalen.
Het was ook helemaal niet druk op de weg, wat ook niet heel gek was voor een zondag. Toch zijn er sommige plaatsen waar je juist dan wel veel mensen tegen komt. Eén van die plekken was het Basin van een rivier. Een klein watervalletje zorgde voor een nTuurlijk bassin van water. Dat was een van de stops die we onderweg hebben gemaakt. Ook stopten we nog ergens voor een bakje koffie of thee (en een wc) alvorens we de grens over trokken. Daar moesten we uit de bus, allemaal een kantoor binnen en daar werd ons paspoort gecontroleerd en zodoende konden we weer verder. En ik heb weer een mooie nieuwe stempel in mijn paspoort!

Over de grens stopten we in een erg mooi stadje voor de lunch. Daar was een groot winkelcentrum waar je van alles kon kopen. Ook in Amerika zag je die heel veel. De grootste die ik gezien heb is zo groot dstbje bijna alle winkels uit Assen daar in kan stoppen. Ongelofelijk! In die Mall in Canada aten we dus wat. Daarna stapten we de bus weer in en gingen we verder. We waren net halverwege en moesten nog een kleine driehonderd kilometer. Toch schoot dat vlot voorbij. Het landschap werd wel minder: we waren in een dal aanbeland dus waren de heuvels ook allemaal weg. Het was een stuk minder mooi.

Toen we rond vijven in het hotel aankwamen, gingen we vrij vlot daarna naar Québec toe. Het eerste wat we daar deden was naar een zeventig meter hoge waterval gaan, waar men een brug over had gespannen. Daar heb ik wel enkele mooie foto's van gemaakt. Althans, dat denk ik. Zolang ze op de camera staan, moet ik het nog maar zien. De teller staat trouwens op een zevenhonderd foto's, dus dat wordt thuis even flink schrappen en kijken!

Na de waterval gingen we naar het oude, hooggelegen stadshart waar we rustig gingen eten. De sfeer was erg goed, op het plein speelden enkele muzikanten en op de tafel kwamen een stuk vis, twee steaks en een pork chop. Vier mannen aan een tafel Ie je natuurlijk wel vaker, maar we hadden me toch een lol.
Alles in Québec is natuurlijk in het Frans - en in kleine Engelse letters - dus overal om ons heen hoorden we de Franse taal. Dat leidde er bij ons toe dat we ook Nederfrans gingen praten; Nederlands met een zwaar aangezet Frans accent. Hilariteit alom! En probeer dan in het Engels nog maar fatsoenlijk te bestellen ale je proest van het lachen!

Op dit moment zit ik in het hotel, op mijn kamer. Morgenvroeg gaat de wekker om zeven uur. Half negen beginnen we met een ochtendtour van Québec waarna we daar ook nog gaan lunchen. Daarna rijden we door naar Montreal. De komende vier dagen zit ik in vier verschillende hotels. Ik hoop dat overal wifi is! Dus tot de volgende keer!

zondag 25 september 2011

Studeren aan Harvard of toch de M.I.T.?

Vanochtend vroeg stapten we met z'n allen de bus in, op naar de mooie plaats Boston, thuishaven van de Red Socks. Onze reisleider, Leo, komt zelf uit New York en is een Yankee fan. (Mocht je het niet snappen, de New York Yankees en de Boston Red Socks zijn twee sportteams) Hij vertelde ons dat toen er, jaren geleden, in NYC een nieuw stadion gebouwd werd, 's nachts enkele Red Socks kwamen en een shirt van de Red Soxks in de fundering hebben laten zakken. Toen de mensen uit New York hier achter kwamen, hebben ze dat deel van de fundering weer weggehaald, het shirtje weggegooid en de fundering opnieuw gelegd. Zo diep zit de 'haat' tussen beide teams.

Hoe dan ook, toen we in Boston aankwamen - wat trouwens veel sneller ging dan verwacht: 370km in ongeveer vier uur - kwamen we langs het stadion van de Red Socks. Een groot stadion waar ongeveer vijfendertig duizend mensen in kunnen. Een aardige hoeveelheid dus.
Daarna hebben we in een mooi park gegeten. Ik nam verse vis die diezelfde ochtend nog gevangen was. Verser kan haast niet! Rondom dat park zijn meerdere winkels die allemaal verschillend zijn. In mijn opinie is Boston ook een leukere stad dan New York. Het is. Eer relaxed, geen stress en zeker niet de drukte die daar wel was.

Voordat ik wegging naar Amerika had ik al verteld dat ik graag de freedom-trail wilde lopen. Nu kon ik niet het hele stuk lopen, maar enkele stukken heb ik wel kunnen lopen. Maar toen was de dag nog niet voorbij, nee zeker niet!

We reden rond vier uur door naar het nabijgelegen Cambridge. Daar reden we eerst langs de campus van de Massachusetts Institute of Technology, de M.I.T. Dat is, voor het geval dat je deze niet kent, één van de beste technische scholen ter wereld!
Daarna reden we nog een stukje verder en stapte we uit bij de universiteit van Harvard. Dat is ook al een hele prestigieuze school van de Ivy League. Wist je trouwens dat die scholen de naam Ivy League hebben omdat die scholen vroeger samen in één sportcompetitie - de Ivy League - zaten. Later hebben ze die naam aangehouden voor die universiteiten. Andere zijn o.a. Princeton en Columbia.

Daar kwamen we ook langs het beeld van de drie leugens. Daarvan had ik al eens gehoord en die ha dikmal eens gezien tijdens een film dus kon ik mijn kennis ook eens laten zien. Ik begon te vertellen dat het beeldndrie leugens bevatte. Het opschrift onder het beeld was de naam Harvard, Founder en een jaartal. Ik vertelde dat de drie leugens erg simpel waren: als eerste was het geen beeld van Harvard, want ze hadden geen idee hoe hij er uit zag en dus namen ze een student als voorbeeld. Ten tweede was Harvard niet de Founder, de stichter, maar hij betaalde er enkel voor. En ten derde was het jaartal fout.
Je had enkele gezichten moeten zien, ze keken allemaal in eens naar Leo om te controleren of het klopte. Hij knikte alleen en vertelde toen nog iets meer van het beeld.

Daarna reden we door naar het hotel waar we rond een uur of zes aan kwamen. Het is weer een Marriot, alleen dan nu meer een inn, een weghotel. Ik hoor dan ook vrachtwagens rijden en elk uur dendert er een trein voorbij. Hopen dat ik goed slaap...
We hebben in een nabijgelegen winkelcentrum gegeten en daarna nog een ijsje gehaald. Het softijs hier is bijna net zo lekker als thuis. Bijna...

Toen we weer terugliepen, zagen we buiten het hotel enkele andere reisgenoten zitten. We zijn er maar bij komen zitten. We raakten aan het praten en voornwe het wisten waren we twee uur verder! Snel ging iedereen naar de kamer, ik ook maar. Snel me even douchen en daarna dit stukje typen.

Het weer was vandaag overigens geweldig, veel beter dan gisteren. Toen ik vanochtend de chauffeur sprak, zei ook hij dat het weer wat we in New York hadden, die enorme regenbuien, niet normaal was. Extraordinary, zei hij zelfs, buitengewoon. Een wolkbreuk van tien uur...

Morgen gaan we naar Canada toe. Ik weet niet hoe het met wifi daar gesteld is, dus zeg ik enkel: tot de volgende keer!
En reageren mag natuurlijk, hoor!

zaterdag 24 september 2011

It's raining cats and dogs

Vandaag hadden we een vrije dag in New York. Het is misschien wat moeilijk te begrijpen, maar ik heb gisteravond de hele avond zitten en liggen nadenken wat ik nu wilde zien. Er is ook zoveel om te zien...
Zou ik naar het Empire State Building gaan? Of het High Park? Het gebouw van de Verenigde Naties misschien? Er is teveel om op te noemen, een overschot aan keuzes die het verdraaid moeilijk maken om normaal na te denken.

Toch werd de keuze een stukje makkelijker toen ik vanochtend opstond. Het regende. Niet een beetje, maar pijpenstelen. En dat bemoeilijkt de keuzes toch wel enigszins. Was mijn allereerste plan vooral rond te lopen in NY, het werd toch enigszins anders door de regen.

Nu zal ik toch bij het begin beginnen, want vanochtend in Newark, waar ik nu ook in de lobby van het hotel zit, leek het nog redelijk te zijn. Met z'n tienen namen we een taxibusje naR Manhattan, en hij zou onderweg een tweetal stops maken. Het ene deel wilde naar Battery Park, vanwaar het veer naar het vrijheidsbeeld zou vertrekken en een ander deel wilde naar het Guggenheim museum. Ik wilde wel naar het Metropolitan museum, en ook een ander wilde wel mee.
We stapten uit bij het Guggenheim museum en liepen een zestal blokken verder naar het museum. Ondertussen begon het te licht te regenen en toen we bij het Met waren regende het alweer iets harder. We gingen rustig naar binnen, hopend dat we het weer zouden krijgen als gisteren.

Rondlopend door het Met zagen we vanalles: een expositie met allerlei Nederlandse schilders (Cuyp, Vermeer, Hals en Rembrandt) een bijzondere collectie met harnassen en wapens uit de middeleeuwen en, mijn favoriet, een complete vleugel van het gebouw met enkel Egyptische dingen.
Zo liep ik vanochtend door de tempel van Deneb, die vanuit Nubië compleet nagebouwd is in het museum. Dezelfde muren, vol hiërogliefen, die vanuit Egypte gehaald waren en ook de sarcofaag in het midden... Erg bijzonder.

Door de ramen zag ik al dat mijn hoop op een mooie dag wegregende, het regende pijpenstelen. Toen we na een tweetal uren ook het museum uit liepen, hadden we beiden een paraplu in de hand. We besloten maar naar het Union station te gaan, daar kon je droog en makkelijk eten. Eén probleem: we waren op de 89th street en moesten naar de 42th street. Dat is een eind! Lopend zouden we er toch zeker een half uur of langer over doen en daarnaast was mijn broek en mijn schoenen al kletsnat. Ik vermoed dat ik maar nieuwe, waterdichte schoenen moet kopen als ik weer thuis ben.
Daarom namen we een taxi - wat ik sowieso al wel wilde doen - naar dat station. Niet te moeilijk doen, lekker vlot... Nu is er wel een probleem, want de helft van de chauffeurs laat niemand instappen als het zo hard regent, gelukkig stopte er wel eentje...

Nadat we gegeten hadden, liepen we verder naar Times Square. Overdag ziet het er ook indrukwekkend uit, dat kan ik je zeggen. Op Broadway dronken we rustig een kopje koffie in een cafeetje en daarna zijn we verder wezen lopen. De regen werd ietsje minder, en op een gegeven moment stopte ik mijn paraplu maar weg. Nat was ik al, en die druppels konden er wel bij.

Van de achtste avenue, de straten die noord-zuid lopen, liepen we naar de derde avenue, waarvan we wisten dat er een bus liep naar het vliegveld waar tegen over het hotel zit. En nee, ik heb geen last van vliegtuigen die overvliegen. Het is vrij stil eigenlijk, heerlijk!
We namen de bus naar het vliegveld, aten en dronken wat en kwamen rond acht uur in de avond weer aan in het hotel. Op dit moment is het kwart voor negen, dus ik ben direct begonnen aan dit verhaal.

Tja... morgen gaan we van NY naar Boston toe. Het weer schijnt even slecht te zijn, maar we moeten ook een vrij lang stuk rijden, zo'n 400km. Ik hoop dat er in het hotel gewoon weer wifi in de kamers is, anders zien we het wel. We kijken en zoeken wel even, dus tot de volgende keer!